Verwarm de oven voor op 160 graden (boven- en onderwarmte).
Roer de suiker en kaneel samen in een kom.
Snijd de croissantdeegdriehoeken doormidden als je, net als ik, deeg voor grote croissants gebruikt. We maken namelijk mini croissants, maar het deeg uit deze blikken is groter.
Rol alle vlakken op tot mini croissants en knip deze in drie of vier stukken. Bedek deze stukjes met het kaneelsuiker.
Doe bakpapier in een bakvorm en leg daar willekeurig de stukjes croissant in. Strooi tussendoor nog wat extra kaneelsuiker over de stukjes heen. Herhaal dit tot alle stukjes deeg op zijn. Bewaar nog een beetje kaneelsuiker.
Kluts een ei en bestrijk de bovenkant. Strooi het laatste beetje kaneelsuiker over de stukjes croissant.
Bak in ongeveer 50 minuten mooi goudbruin en gaar. Geef het voldoende tijd om goed gaar te worden, zodat de binnenkant niet rauw blijft. Dek de randen na 30 minuten af met aluminiumfolie, zodat ze niet te donker worden.